bankenvergelijking.nl

 Tien dingen die je moet weten over banksparen



Banksparen lijkt een lekker duidelijk product. Wat je spaart, komt op een rekening die geblokkeerd blijft tot aan je pensioen. Over lelijke adders struikel je gelukkig niet, alles is gereguleerd.

Maar er zijn toch een heleboel nuttige weetjes die je vooraf zou moeten weten. We noemen er tien.

1. Banksparen kan ook beleggen zijn

De term banksparen is eigenlijk ongelukkig gekozen. Sparen doe je toch altijd bij een bank?

Wat er wordt bedoeld is dat je zélf spaart of belegt voor een lijfrente (een pensioenuitkering) bij een bank of beleggingsinstelling, in plaats van bij de traditionele verzekeraar.

Wil je geen enkel gevaar lopen, kies dan voor sparen. Staat de rente erg laag en kun je wat risico dragen, overweeg dan om (ook) te gaan beleggen. Het vermogen dat je opbouwt komt in beide gevallen pas vrij op je pensioendatum.

2. Je toeslagen kunnen omhoog gaan

Hopelijk weet je dat het geld op een bankspaarrekening vrij is van vermogensbelasting en dat de inleg aftrekbaar is. Maar er is nog een derde belastingvoordeel. Als je inlegt, heeft dat voor dát jaar een gunstig effect op je eventuele zorg-, huur- en kindertoeslagen. Je belastbare inkomen gaat omlaag, dus je toeslagen gaan omhoog.

Dit geldt natuurlijk niet als je meer bent gaan verdienen of als je geen recht hebt op toeslagen.

3. Je kunt ook een vaste rente kiezen

Een bankspaarrekening heeft meestal een variabele rente, die normaal een stuk hoger is dan die van een gewone spaarrekening. Je mag je geld of een deel daarvan echter ook een aantal jaren vastzetten voor een vaste rente. Dan weet je zeker wat je krijgt.

Check eerst of jouw bank wel deposito's aanbiedt, dat is niet altijd zo. Kies een aanbieder mét deposito's, dan heb je meer mogelijkheden.

4. Het saldo mag je overdragen naar een andere bankspaarrekening

Het geld dat op je bankspaarrekening staat, kun je niet opnemen voor iets anders dan een pensioenuitkering voor jezelf. Maar terwijl je opbouwt mag je het wel overzetten naar een bankspaarrekening bij een andere aanbieder. Misschien heeft deze bank een betere rente of meer keus uit spaardeposito's.

Het kan wel zijn dat je oude bank of beleggingsinstelling kosten aanrekent. Maar bij een groot verschil in rente loont switchen al snel.

5. Zelf openen? Dan een kennistoets doen!

Een bankspaarrekening kun je bij veel aanbieders zelf online openen, zonder advies. Hiervoor moet je wel een korte kennistoets afleggen – je beantwoordt vóór het openen online enkele vragen.

De overheid wil namelijk dat je goed weet wat je doet. Als je je een paar uurtjes in het product verdiept, is de test niet supermoeilijk.

6. Je betaalt afsluitkosten

Normale spaarrekeningen open je doorgaans gratis, een bankspaarrekening niet. Ook dit is weer een drempel van de overheid.

Let op, de verplichte afsluitkosten lopen sterk uiteen. ABN Amro, Brand New Day en Nationale-Nederlanden vragen 25 euro, SNS Bank rekent 250 euro. Wil je ook advies, dan zijn de kosten (nog) hoger.

7. Je mag gerust doodgaan

Ben je driftig aan het banksparen en leg je onvoorzien het loodje, dan is er niets aan de hand.

Nou ja, bijna niets. Het saldo op je bankspaarrekening gaat namelijk naar je erfgenamen. Zij moeten er wel een nabestaandenuitkering mee aanschaffen. Een mooi autootje of bootje kopen mag niet.

Ook tijdens de uitkering kun je gerust sterven. Een lijfrente van een bank loopt altijd door tot aan een afgesproken einddatum en gaat dus over op je nabestaanden als je halverwege sneuvelt.

8. Wat niet mag…

… is je bankspaarsaldo schenken, op een andere naam zetten of gebruiken als onderpand voor een lening. Je mag ook niet meer inleggen dan wat je tekortkomt voor je pensioen.

9. In één keer uitkeren kan niet

Heb je een mooi bedrag bij elkaar gespaard, bijvoorbeeld 75.000 euro, dan kom je misschien op het idee om dit over te laten maken naar je gewone bankrekening. Dat feest gaat helaas niet door! Van een bankspaarsaldo moet je altijd een periodieke uitkering kopen.

10. Vóór je pensioendatum laten uitkeren kan wél

Ja, je mag een opgebouwd bankspaartegoed laten uitkeren voordat je je AOW-leeftijd hebt bereikt. Maar er geldt één strenge voorwaarde: de uitkering moet dan tot 20 jaar na die wettelijke pensioendatum doorlopen.

Krijg je bijvoorbeeld AOW als je 67 jaar wordt en wil je de lijfrente al op je 65e laten starten, dan loopt de uitkering minimaal door tot je 87 bent.

Vóór je AOW-leeftijd laten uitkeren is misschien niet slim. Je betaalt dan namelijk meer belasting over de uitkeringen dan erna. Zonde, want je hebt nou net met heel veel belastingvoordeel gespaard!

Bekijk hier ons overzicht van bankspaarrekeningen die je online kunt openen.

(door Ton Hermans, Bankenvergelijking, 29 november 2018)